Waar en wanneer begint het beheer? Dat is een cruciale vraag. Het antwoord is eenvoudig: eigenlijk begint het beheer van je lokalen onmiddellijk bij die eerste vonk, de volle ‘goesting’ om er zelfs nog maar aan te beginnen. Er dienen zich vele beheersaspecten aan bij de opstart van het bouwproces, zoals al mocht blijken uit de voorgaande teksten.
Je hebt ook een lokalenbeleid nodig. Waar wil je heen met dat gebouw? Welke activiteiten moeten er kunnen plaatsvinden? Waarom doe je dat nu allemaal?
Maar goed, we moeten ergens starten. Laten we ervan uitgaan dat het gebouw in gebruik is. Afhankelijk van de infrastructuur, de beheersvorm, de inboedel en de activiteiten zul je dus weinig tot heel veel moeten regelen. De hierna behandelde aspecten moet je in verhouding afstemmen met de draaglast, maar ook met de draagkracht van je organisatie. Draaglast beschouwen we hier als de omvang van je bouwproject gemeten in infrastructuur, organisatie en kostprijs. Draagkracht hangt af van de sterkte van je jeugdvereniging. Hoe stevig zijn jullie uitgebouwd? Beschik je over een grote leidingsploeg? Over een ervaren bestuursploeg? Een hechte oud-leidingsploeg? Een ondersteunende vzw? Kun je op veel steun rekenen?
Samengevat kun je stellen dat het beheer achteraf eigenlijk betekent dat je de beheersaspecten van zowel de voorbereidende als de uitvoerende fase voortzet. Je moet met andere woorden eerdere inspanningen verzilveren. Zo is het enerzijds bijvoorbeeld heel belangrijk om de externe en interne afspraken die je eerder opgetekend hebt verder op te volgen. In het hoofdstuk ‘Afspraken zwart op wit’ vind je hier meer tips over. Anderzijds blijven ongetwijfeld de financiën een blijvend aandachtspunt. In het deel 2, 2 Financiën (zie bladzijde 66) kreeg je al eerder de nodige opmerkingen voor-
geschoteld.