De zogenaamde gelegenheidscrimineel die in een jeugdlokaal inbreekt, heeft geen professioneel inbreekmateriaal. Doorgaans zoeken ze dus naar de zwakke punten van het gebouw om eerder op gewelddadige wijze toegang te verkrijgen.
-
In lokalen met een bouwkundige zwakte zijn meerdere ingangen mogelijk: te dun of te rot hout, ‘kartonnen’ deuren kunnen worden ingetrapt, platen van prefab-lokalen kunnen eenvoudig uitgebroken worden…
-
Opengaande ramen en deuren die hefboomgevoelig zijn, kan men zo openbreken met bijvoorbeeld een koevoet.
-
Ook de cilinder van het slot dat uit de deur steekt kan worden afgebroken. Dit is een vaak gebruikte methode.
-
Met een hard stuk plastiek kan men soms de sluiting weg duwen (flipperen) indien men de grendel van de buitenkant kan zien. Dit komt zelden voor, maar kan bij oudere gebouwen nog wel lukken. Ramen en deuren volledig afsluiten is dus de boodschap.
-
Glasbraak gebeurt minder (brekend glas maakt lawaai, en kans op verwonding is vrij groot).
-
Losliggende kelderroosters, slecht afgesloten dakramen… werken dan weer wel uitnodigend.