De sanitaire installatie van een jeugdlokaal beperkt zich meestal tot een aantal WC’s, enkele lavabo’s en een uitgietbak in keuken of bergplaats. Lokalen die ook als bivakplaats verhuurd worden, kunnen eveneens voorzien zijn van douches.
Eigenlijk bestaat een sanitaire installatie uit niet meer dan:
aanvoerleiding(en), al dan niet onderbroken door een verwarmingstoestel;
het toestel zelf (badkuip, WC, lavabo,…);
afvoerleidingen.
Het is aan te raden alle sanitair zoveel mogelijk te centraliseren door bijvoorbeeld de keuken naast de doucheruimte te plaatsen; aan- en afvoerleidingen worden korter, de warmteverliezen worden kleiner en ook de kans dat bepaalde delen stukvriezen is kleiner.
Deze drie items zullen we dus in dit hoofdstuk behandelen, verder bekijken we ook de regenwaterinstallatie en het gebruik van een zonneboiler.
AANVOERLEIDING
De aanvoerleiding vertrekt vanaf de meter, geplaatst door de maatschappij in een vorstvrije ruimte (niet evident in een jeugdlokaal). Na de meter volgt een aflaatkraan en een terugslagklep die verhindert dat eventueel verontreinigd water terugvloeit in het waterleidingsnet.Volgende keuzes in materiaal zijn mogelijk:
koper
+
-
+
-
n.v.t.
polyethyleen (Geberit)
+
+
++
±
n.v.t.
PE + aluminium (Henco, Alupex)
+
++
++
-
n.v.t.
gegalvaniseerde stalen buis
-
- -
+
- -
n.v.t.
ü Koperen buizen zijn per lopende meter duurder dan PE of PE-Alu-buis. De koperen soldeerstukjes zijn echter een stuk goedkoper dan de knelverbindingen voor deze moderne materialen.
ü Zwarte PE-buizen (Socarex) worden gebruikt voor aanvoerleidingen die buiten liggen.
ü Als je loden aanvoerleidingen aantreft moet je ze zo snel mogelijk vervangen. Het lood wordt namelijk opgenomen in het drinkwater. Stilletjesaan bouw je zo een loodvergiftiging op.
TOESTELLEN
ü Badkuipen van staalemail en wasbakken en toiletpotten van keramiek zijn en blijven het beste houdbaar en zijn daarom uit ecologisch standpunt aanbevelenswaardige alternatieven. Vaak zijn ze voor een prikje te koop bij handelaars in oude bouwmaterialen, koopjeskrant of kringloopwinkel.
ü Kuipen en bakken in acryl zijn leverbaar in allerlei kleuren en vormen, maar ze lopen sneller krassen op en worden ruw.
ü Mengkranen met 1 hendel (ééngreepskranen) en thermostaatkranen zijn, hoewel ze iets duurder zijn, aan te bevelen omdat ze door snelle temperatuursregelingen water helpen besparen en kindvriendelijk in gebruik zijn.
ü Waterbesparende douchekoppen en WC-bakken met spaartoets beperken het waterdebiet en zo de waterrekening.
ü Vermijd het herbruiken van oude kranen; meestal lekken ze en beantwoorden ze niet aan de moderne comforteisen.
AFVOERLEIDINGEN
Douchekuip, lavabo’s en wasmachine vragen een minimum doormeter van 40 mm, voor een badkuip en gootsteen heb je minstens 50 mm nodig en een WC vraagt 90 mm voor de verticale leidingen.
Horizontale leidingen voorzie je best allemaal in 110 mm om kans op verstopping te vermijden. Vermijd bochten en T-stukken van 90°, beter is twee maal 45° te gebruiken en stukken in Y-vorm.
Voorzie op een aantal punten toezichtstoppen (in kruipkelder of in verticale leidingen).
Mogelijke materialen zijn de volgende:
PVC
++
+++
-
-
n.v.t.
polyetheleen (Geberit)
-
+
+++
±
n.v.t.
polypropyleen
-
+++
+++
±
n.v.t.
gresbuizen
- -
-
+
++
n.v.t.
vezelcement
-
-
+
- - -
n.v.t.
& Terminologie:
Gresbuizen?
Ä Gresbuizen zijn gemaakt op basis van gebakken, geglazuurd aardewerk; de verbindingen zijn van rubber.
Woordje uitleg
ü Afvoerbuizen in zwart polyethyleen worden in tegenstelling tot PVC niet breekbaarder met verloop van de tijd; ze vormen een milieuvriendelijker alternatief. De verbinding ervan gebeurt door spiegellassen of door electromoffen: dit vraagt speciaal gereedschap.
ü Doordat PE sterker uitzet en sneller gaat doorhangen, moeten aangepaste uitzetmoffen en genoeg beugels voorzien worden.
ü Polypropyleen valt wel binnen het bereik van de doe-het-zelver: de verbindingen gebeuren door moffen voorzien van rubberen ringen (cfr. PVC-buizen); het is echter minder courant verkrijgbaar.
REGENWATERINSTALLATIE
ü Het via het dak opgevangen regenwater kan gestockeerd worden in een regenwaterput (liefst in beton, dat neutraliseert het zure regenwater) en aangewend worden voor spoeling van de WC’s, wassen van kledij, begieten van planten, waterspelletjes en de vaatwas.
De goede regenwaterinstallatie bestaat uit:
- een opvangreservoir (afmetingen zijn afhankelijk van het dak en van het gewenste gebruik);
- een filter;
- een navulset: zorgt ervoor dat het reservoir bij uitputting (bij weinig regen) gevuld wordt door leidingwater;
- een pomp voorzien van droogzuigbeveiliging;
- een aanzuigleiding met terugslagklep en aanzuigkorf.
ü Een volledige regenwaterinstallatie kost geleverd en geplaatst snel 2.500 euro. Sommige gemeentes en de provincie geven subsidies. Informeer op voorhand bij de gemeente hoeveel kubieke meter opslagvat je per vierkante meter dakoppervlak moet voorzien.
Als je weet dat 1 m³ leidingwater ca 1,25 euro kost anno 2001, kun je nagaan of het de moeite loont om er een te installeren. Indien er te weinig centen zijn, kan je in ieder geval al een apart leidingcircuit voorzien dat later kan worden aangesloten.
Tips
Ü Een regenton onder de afvoerpijp is ook al een regenwaterinstallatie; het water kan gebruikt worden voor waterspelletjes en voor het kuisen van de lokalen.
ZONNEBOILERINSTALLATIE VOOR DE PRODUCTIE VAN WARM WATER
ü Een zonneboiler verwarmt koud water met de energie van de zon. In de zonnecollector, die gewoonlijk in het dak ingebouwd wordt, lopen koperen buizen die de warmte opvangen en via een warmtewisselaar wordt die in een boiler opgeslagen. Als de zonneboiler onvoldoende warm water produceert, wordt er automatisch door een klassiek warmwatertoestel bijverwarmd. Zo kan je in het Belgische klimaat met een zonneboiler ca 55% van je warm water maken. Voor bivakplaatsen die enkel ’s zomers bezet zijn, kan dit veel hoger oplopen.
ü Zonneboilers worden gedimensioneerd op de dagelijkse hoeveelheid warm water. Gemiddeld is dat 25 liter water aan 60°C per persoon. Voor een bivakplaats van ca 40 personen voldoet 12,5 m² collector met een boilerinhoud van 500 liter. Kostprijs hiervan bedraagt ca 7.500 euro. Electrabel neemt hiervan een deel voor zijn rekening indien de naverwarming met gas of elektriciteit gebeurt, en sommige gemeentes geven ook subsidies.
Meer informatie is beschikbaar bij BELSIA (Belgian Solar Industry Association vzw, tel. 014/55 83 19 014/55 83 19).