Met een brandverzekering kan een tweetal zaken worden verzekerd. Het gebouw Het gebouw kan op een drietal manieren verzekerd worden. Dat kan op basis van: - De werkelijke waarde: dit is de nieuwwaarde minus slijtage aan het gebouw. - De heropbouwwaarde of nieuwwaarde: dit is de waarde van de wederopbouw in nieuwe materialen inclusief BTW, andere lasten en architectkosten en exclusief de waarde van de grond. Wanneer in dat geval het lokaal volledig vernield wordt, door bijvoorbeeld brand, dan mag de verzekeringsnemer een nieuw gelijkaardig lokaal laten bouwen zonder dat men beperkt is door de verzekerde waarde. - Het eerste risico: hierbij bepaalt de verzekeringsnemer zelf het verzekerde bedrag. Indien bij een schadegeval het schadebedrag groter blijkt te zijn dan de verzekerde waarde, wordt het uit te betalen bedrag steeds beperkt tot de overeengekomen verzekerde waarde. Is het schadebedrag daarentegen lager dan de verzekerde waarde, wordt het uit te keren bedrag vanzelfsprekend beperkt tot de werkelijke schade. De inboedel De inboedel is in principe steeds verzekerd in nieuwwaarde (= nieuwwaarde op de dag van het schadegeval minus slijtage), maar kan ook verzekerd worden in: - Handelswaarde (bijvoorbeeld voor antieke meubelen, juwelen...): dit is de prijs die de verzekerde normaal op de dag van het schadegeval op de binnenlandse markt zou hebben gekregen. - Kostprijs die nodig is voor wedersamenstelling op de dag van het schadegeval (bijvoorbeeld voor documenten, magneetbanden...). - Verkoopwaarde op de dag van het schadegeval (bijvoorbeeld voor dieren).