Wat men steelt is heel divers. Alles wat men kan meenemen komt in aanmerking om meegenomen te worden. Het hangt sterk af van wat de inbreker nodig heeft. Dat kan desnoods ook zwaarder materiaal zijn.
Het gestolen goed hoeft geen echt kostbaar materiaal te zijn, maar zal voor de werking van de jeugdvereniging wel als belangrijk ervaren worden. Bij dit soort inbraken is de schade aan het gebouw vaak groter dan de waarde van de gestolen goederen.
Wat wordt er zoal meegenomen?
-
Geld: Geld is populair voor alle soorten inbrekers, er staat immers geen naam op en het heeft een vaste waarde. Niet iets dat je dus zomaar in je lokaal laat slingeren.
-
Cd’s: Het gezegde ‘de gelegenheid maakt den dief’ is hier zeker van toepassing. Rond-slingerende cd’s en dvd’s zijn heel aantrekkelijk voor de gelegenheidsdief.
-
Hifi- en huishoudtoestellen: In lokalen van jeugdbewegingen worden hifi- en huishoudtoestellen vanwege hun lage waarde veel minder gestolen dan bij jeugdhuiswerkingen (betere geluidsinstallatie).
-
Kledij: Kleding wordt vaak door de internen gestolen. “Hij heeft mijn jas gepikt!” is een zinnetje dat elke jeugdleider in zijn carrière wel eens zal horen.
-
Drank: De drankvoorraad kan zeker in een jeugdhuis een serieuze cent waard zijn. Zelf leeggoed is waardevol en komt in aanmerking om gestolen te worden. De opportunist onder de inbrekers kan ook al eens een bak meegraaien om de goede afVoop te vieren.
-
Voedsel, huishoudproducten (kuisproducten en zo) en medicijnen: Deze zaken worden dikwijls uit noodzaak gestolen.