Vorming I Publicaties I FAQ I Praktijkvoorbeelden I Links I Onderzoek
Home I Inloggen I Contact
Jeugdlokalen.be helpt jeugdverenigingen, eigenaars van jeugdlokalen, gemeentebesturen… bij het realiseren van een veilig onderdak voor elke jeugdvereniging, aangepast aan de behoeften van kinderen en jongeren.
Steunpunt Jeugd is het kennis- en expertisecentrum over jeugd, jeugdwerk en jeugdbeleid. Steunpunt Jeugd zet zich in voor kinderen, jongeren en hun organisaties.
Ga naar de website van Steunpunt Jeugd
 
Beheer en onderhoud
Bouwen en verbouwen
Financiering en kosten
-
Gezond financiëel beheer
-
Inkomsten
-
Uitgaven
•
Kostenbesparing als je (ver)bouwt
•
Huurkosten
•
Onderhoudskosten
•
Water- en energiefacturen
•
Verzekeringen
•
Belastingen
-
BTW
-
Rechtspersonenbelasting
-
Patrimoniumtaks
-
Onroerende voorheffing
•
Eenvoudig bezwaarschrift
•
Uitgebreid bezwaarschrift
•
Wettelijke basis
-
Systematisch karakter van het onderwijs
-
Ontbreken van wintsbejag
-
Hoofdzakelijke bestemming van de onroerende goederen tot didactische doeleinden
•
Heb je een vraag?
•
Brussel
-
Provinciale belastingen
-
Gemeentelijke belastingen
-
De belastingdienst
•
Terugbetalen van leningen
(Ver)huren en overeenkomsten
Veiligheid en preventie
Overheid en beleid
 
 
Lokalenmap
Contact
Home > Financiering en kosten > Uitgaven > Belastingen > Onroerende voorheffing > Wettelijke basis

Wettelijke basis

In voorgaande rubrieken vond je de praktische uitwerking van wetboek, geldende decreten en omzendbrieven. Maar waarop is dit nu allemaal gebaseerd? Hieronder meer uitleg!

Wettelijke basis

  • De wettelijke basis van de onroerende voorheffing is terug te vinden in het Wetboek van Inkomstenbelastingen 1992 (WIB '92), en meer bepaald in de artikelen 251 tot en met 260 WIB '92.
  • Er gelden een aantal algemene bepalingen. In de eerste plaats zijn er bepalingen met betrekking tot de vestiging en de invordering van de belasting, bv. de aanslag- en bezwaartermijnen, de regeling van intresten,... Meer informatie over deze bepalingen vind je in de artikelen 297 tot en met 463 WIB '92.
  • Daarnaast is ook de bepaling van het kadastraal inkomen aan bepaalde regels onderworpen. Meer informatie hierover vind je in de artikelen 472 tot en met 504 WIB '92.

Je kan deze wetteksten raadplegen via de Vlaamse Fiscale Navigator.

Letterlijk uit de wettekst

De vrijstelling voor onroerende voorheffing voor gebouwen of gronden ter beschikking gesteld van jeugdverenigingen is gebaseerd op volgende artikels en paragrafen uit de wettekst:

  • Artikel 253, 1°, WTB 1992 Van de onroerende voorheffing wordt het kadastraal inkomen vrijgesteld: 1° van de in artikel 12, § 1, vermelde onroerende goederen of delen van onroerende goederen
  • Artikel 12, § 1, WTB 1992 § 1 Vrijgesteld zijn de inkomsten van onroerende goederen of delen van onroerende goederen gelegen in een lidstaat van de Europese Economische Ruimte die een belastingplichtige of een bewoner zonder winstoogmerk heeft bestemd voor het openbaar uitoefenen van een eredienst of van de vrijzinnige morele dienstverlening, voor onderwijs, voor het vestigen van hospitalen, klinieken, dispensaria, rusthuizen, vakantiehuizen voor kinderen of gepensioneerden, of van andere soortgelijke weldadigheidsinstellingen.

Omzendbrief

De Vlaamse overheid is bevoegd om zelf interpretatie te geven aan de toepasselijke wetsbepalingen. Dit gebeurt bij omzendbrief.

  • Op 20 juli 2007 verstuurde de toenmalige Vlaams minister van Financiën, Begroting en Ruimtelijke Ordening de OMZENDBRIEF Vrijstelling van onroerende voorheffing voor onroerende goederen bestemd voor onderwijs.

Uit deze omzendbrief bleek dat heel wat gebouwen en gronden bestemd voor jeugdwerk vrijgesteld kunnen worden van onroerende voorheffing. Niet zomaar natuurlijk. Maar wel omdat jeugdwerk een "pedagogische" rol vervult.

 

Voorwaarden en procedure die voortvloeien uit de wetteksten, de omzendbrief en de geldende decreten

De voorwaarden om vrijgesteld te kunnen worden

De omzendbrief vertelt ons dat, om vrijstelling te bekomen, men moet kunnen bewijzen dat men aan volgende voorwaarden voldoet:

  • Systematische karakter van het onderwijs
  • Ontbreken van winstbejag
  • Hoofdzakelijke bestemming van de onroerende goederen tot didactische doeleinden

Klik op de links hierboven voor een uitgebreide toelichting van deze voorwaarden.

 

De procedure om de vrijstelling te bekomen

Uit de omzendbrief en de geldende decreten blijkt dat:

  • Jeugdwerk, erkend of gesubsidiëerd via het decreet Vlaams jeugd- en kinderrechtenbeleid en hun lokale afdelingen, kunnen genieten van een "vereenvoudigde procedure" om vrijstelling aan te vragen. Door deze vereenvoudigde procedure wordt ook een automatische vrijstelling voor de volgende jaren in principe mogelijk.
  • Jeugdverenigingen die NIET zijn aangesloten zijn bij jeugdwerk, erkend of gesubsidiëerd via het decreet Vlaams jeugd- en kinderrechtenbeleid, maar WEL erkend zijn of gesubsidieerd worden via het geldende subsidiereglement jeugd van een gemeentelijke of provinciale overheid, kunnen via een "eenvoudig bezwaarschrift" en een "verklaring van de gemeentelijke of provinciale jeugddienst" in prinicpe worden vrijgesteld van onroerende voorheffing.
  • Jeugdverenigingen die NIET zijn aangesloten zijn bij jeugdwerk, erkend of gesubsidiëerd via het decreet Vlaams jeugd- en kinderrechtenbeleid, en NIET erkend zijn of gesubsidieerd worden via het geldende subsidiereglement jeugd van een gemeentelijke of provinciale overheid, zullen via eigen bewijsstukken moeten kunnen bewijzen dat ze winstbejag ontbreken, dat ze voldoen aan de voorwaarden in zake het systematisch karakter van het onderwijs, dat deze vereniging een pedagogische activiteit ontplooit in de respectievelijke gebouwen van het respectievelijke lokaaladres om vrijgesteld te kunnen worden van onroerende voorheffing. We noemen dit een "uitgebreid bezwaarschrift"
     
Meer info
    Publicaties
    Fiscaliteit van de vzw
    FAQs
    Kunnen we vrijstelling onroerende voorheffing krijgen voor ons jeugdlokaal of de terreinen errond?
    Een antwoord vind je op www.jeugdlokalen.be/onroerendevoorheffing
    Wij verhuizen in de loop van 2012 naar een ander gebouw met een andere eigenaar. Wat betekent dit voor de vrijstelling onroerende voorheffing?
    De onroerende voorheffing wordt gevestigd op het kadastraal inkomen zoals het vastgesteld is op 1 januari van het aanslagjaar. Dit betekent dat de onroerende goederen op deze datum moeten voldoen aan de wettelijke voorwaarden om recht te hebben op een vrijstelling. Met andere woorden, aan een onroerend goed dat slechts in de loop van het jaar voldoet aan de voorwaarden, zal de vrijstelling pas worden toegekend vanaf 1 januari van het volgende aanslagjaar. Als je verhuist in 2012, betekent dit concreet dat je voor het aanslagjaar 2012, de gegevens moet doorgeven van de situatie op 1 januari 2012. Voor aanslagjaar 2013, zal je de gegevens van de situatie op 1 januari 2013 moeten doorgeven. Zowel voor de vereenvoudigde procedure, als het eenvoudig bezwaarschrift, als het uitgebreid bezwaarschrift, is dit van toepassing.
    Links
    Belastingportaal onroerende voorheffing
    Vlaamse Fiscale Navigator
     Share/Bookmark Deel deze informatie  print I pdf
Foutje ontdekt? Laat het ons weten
Ontwerp door Emma Thyssen I Ontwikkeling door Sputnik Web